Levensstroom

Home | Contacteer mij |
linker hoek afgerond SEO rechter afgeronde hoek container

Levensstroom, praktijk voor therapie, Mindfulness en massage

etherische oliën in de aromatherapie

Geschiedenis van de aromatherapie

Het woord aromatherapie wordt pas sinds deze eeuw gebruikt, maar in feite is het al duizenden jaren oud en maakten de Egyptenaren en Babyloniërs er al gebruik van om geest en lichaam te verzorgen. De meest bekende oliën die de Egyptische priesters gebruikten waren Wierook, Mirre, Cederhout, Oregano, Koreander en Jeneverbes. Goed bewaard gebleven karaften met essentiële oliën werden gevonden in verschillende piramides.

Al ruim 3000 jaar v. Chr. wisten de Chinezen dat vluchtige oliën die in ieder kruid, struik of boom voorkomen, geneeskrachtige eigenschappen kunnen bezitten. De kennis over deze essentiële, aromatische of etherische oliën verspreidde zich vanuit China naar o.a. India, Perzië en vooral Egypte. De hieruit onstane moderne aromatherapie is een manier om met behulp van etherische oliën zowel de psychische als ook de fysieke gesteldheid van de mens aanzienlijk te verbeteren.

De vroegste kennis van de aromatherapie is bij de Chinezen gevonden en wel 4500 j.v.Chr. In die tijden vormde het zelfs de hoofdschotel van de geneeskunde aldaar. Daarna heeft het zijn weg gevonden naar India, Egypte, Griekenland en de Romeinen.
In 1922 werden in het graf van de Farao Tutankamon een aantal geurpotjes gevonden, waarbij in enkele de geur van Nardus en Kruidnagel nog waarneembaar was. Cleopatra beschikte naast haar befaamde, natuurlijke aantrekkelijkheid over ontelbare welriekende oliën, die de kracht van haar persoonlijkheid aanmerkelijk zullen hebben opgevoerd. De Egyptenaren gebruikten hun befaamde Kyphi olie (een samenstelling van verschillende oliën) in hun tempels. Ze balsemden hun doden met harsen en essentiële oliën en weerden insecten met in essentiële olie gedrenkte papyrusbladen.
Grieken en Romeinen ontwikkelden hun badcultuur met de in Egypte opgedane kennis van essentiële oliën en besprenkelden hun lichamen, kleren, bed en wanden van huizen hiermee.
In Heliopolis (Perzie) had men zelfs de gewoonte 3 maal daags verschillende soorten reukgoed te verspreiden: 's ochtends mirre, 's middags een mengsel van 16 verschillende aroma's en 's avonds een samenstelling van rustgevende geuren.

In West-Europa, toen het in de Middeleeuwen met de hygiëne abominabel gesteld was, werden bepaalde essentiële oliën veel gebruikt tegen de stank en om hun desinfecterende eigenschappen. Kerken werden met zwavel, hop, peper en wierook gedesinfecteerd en esculapen hadden aan hun wandelstok zakjes met geurende kruiden, die men onder de neus hield wanneer men zieken bezocht. Welgestelde droegen een zilveren ketting met houdertje, gevuld met essentiële olie. Men ontdekte dat de etherische oliën een ontsmettende werking hadden doordat veel parfumeurs geen last hadden van de pest en de cholera.

De opkomst van de alchemie en de daaruit voortkomende chemie plus een aantal andere factoren deden de aromatherapie in vergetelheid belanden om pas in het begin van deze eeuw door de Fransman René Maurice Gattefosse opgenomen te worden en op moderne wijze gereconstrueerd te worden. Het verhaal gaat dat hij bij het oplopen van een brandwond bij toeval naar een fles met etherische lavendel olie greep om de brandwond te koelen. De brandwond zou hierdoor sneller en beter genezen zijn dan gebruikelijk, waarna Gattefossé zich verder verdiept heeft in de geneeskrachtige werking van etherische olie.

Dr. Jean Valnet is een van de koplopers van de aromatherapie en verkreeg na de 2de wereldoorlog officiële erkenning voor de therapie in Frankrijk.

De laatste tijd wordt er steeds meer onderzoek gedaan op universiteiten over de gehele wereld. Door de resultaten heeft men zowel een veel betere kennis verkregen van de etherische oliën zelf als een grote inzicht in hun specifieke krachten.

Voorpagina | Overzicht | Algemene Voorwaarden | Privacybeleid | Contacteer Levensstroom | © 2007 - 2017 Levensstroom |